Als afscheid nemen ineens nog niet nodig blijkt

In de kleine woonkamer zit het bezoek rond haar bed. Zoals altijd is haar huis een zoete inval. Iedereen wacht af. “Over drie dagen ben ik er weer”, zeg ik. “Ik weet niet of ik er dan nog ben.” Ze houdt mijn hand langer vast dan normaal.

We kijken elkaar aan. Een blik van verstandhouding. Een blik die woorden overbodig maakt. Ze is de jongste uit een groot gezin. Haar oudste zus zit naast haar, en slikt. Het valt zwaar afscheid te moeten nemen van de jongste van deze generatie. Wie had dat ooit kunnen denken.

De afgelopen weken ging ze steeds verder achteruit. Ze werd verward, ze kreeg steeds meer klachten. Sinds enkele dagen gebruikt ze medicatie die deze klachten zou moeten verminderen. Helaas zonder resultaat. Ze kan haar bed niet meer uit. Ze slaapt veel. Ze heeft nog maar af en toe heldere momenten. De pauzes tussen haar ademhalingen duren steeds langer. Met een zwaar gevoel sluit ik de achterdeur. De kans dat we elkaar nog zullen zien, is klein.

‘Een verschil van dag en nacht met enkele dagen geleden’

Drie dagen later ben ik er weer. Zij ook, en hoe! Ze zit rechtop in haar bed. Een verschil van dag en nacht met enkele dagen geleden. Ze laat foto’s zien van de dag ervoor. Er ligt een plank over haar bed met daarop een spel dat ze altijd speelt met de rest van de familie. Normaal op het scherpst van de snede. Nu is iedereen al blij dat er een spel gespeeld kan worden, dat dit nog gegeven is. Ze kijkt niet verder dan het nu. Ze geniet van het moment.

Enkele dagen later bezoek ik haar weer. Ze lijkt verder vooruit te zijn gegaan ten opzichte van mijn vorige bezoek. Net als vorige week zit de woonkamer vol visite. Net zoals vorige week zit haar oudste zus naast haar. Ze willen net thee gaan drinken. Ik vraag of ze misschien uit bed wil, voor het eerst in weken. Onwennig zit ze op de rand van het bed. Voorzichtig gaat ze staan, blijft even staan, leunt op haar ene been en dan op het andere. Fijn, maar ook vreemd. Ze maakt de overstap naar haar stoel. Aan de thee met haar familie, zoals ze dit al jaren doen. De vrouwen aan de salontafel, de mannen aan de eettafel. Er worden foto’s gemaakt, blije gezichten. Hier en daar blinkt een traan.

Met een glimlach fiets ik naar huis. Wat bijzonder aanwezig te mogen zijn bij een moment als dit.

Geschreven door Pauline Arts, wijkverpleegkundige Ooij en ambassadeur voor de wijkverpleegkundigen V&VN.